Deel 3 – Scheidsrechterfunctie 6: overtredingen bestraffen

In de vorige twee delen heb ik een aantal functies van de scheidsrechter uitgelegd. Uiteraard kun je deze terug lezen in de vorige nieuwsbrieven. Hieronder ter herinnering de opsomming van de taken van de scheidsrechter. Ik ga verder met mijn uitleg vanaf nr. 6.

De functies van de scheidsrechter tijdens een schermwedstrijd:

  1. hij roept de namen van de schermers af;
  2. hij leidt de partij;
  3. vóór iedere partij controleert hij de wapens, kleding en materiaal van de schermers;
  4. hij houdt toezicht op het functioneren van de aanwijsapparatuur;
  5. hij moet zich zodanig op stellen dat hij altijd de lampen van het aanwijsapparaat kan zien;
  6. hij bestraft de overtredingen;
  7. hij kent de treffers toe;
  8. hij handhaaft de orde;
  9. hij kan op ieder ogenblik deskundigen oproepen om het aanwijsapparaat te controleren.

 6.     De scheidsrechter bestraft overtredingen.

Dit is nu juist het minst leuke aan het scheidsrechteren. Scheidsrechter vinden het helemaal niet leuk om straffen uit te delen. Maar soms moet het.

In beginsel kunnen we de straffen onderscheiden in twee groepen: straffen van toepassing op schermfouten en tuchtrechtelijke straffen.

Laat ik eerst maar eens gaan uitleggen wat straffen zijn van toepassing op schermfouten. Zoals we jullie al vertellen tijdens de les en het RJA schermen we op een schermloper. Als je de achterlijn overschrijdt dan maak je een schermfout en krijg je een treffer tegen. Maar als jullie staan te schermen en je verlaat de loper zijwaarts dan is dat ook een schermfout. Je tegenstander mag dan een meter naar voren. Een andere bekende schermfout  is dat als ik een treffer tegen scoort en het schermwapen van de tegenstander is defect de treffer wordt geannuleerd.

Hoe meer jullie schermen des te sneller kom je erachter wat wel en niet mag.

Tucht rechtelijke straffen kunnen we weer onderverdelen in 4 groepen.

  • De eerste groep straffen wordt gebruikt voor de partij. Dit zijn ‘oplopende’ straffen. Voor de eerste overtreding krijg je een gele kaart ( “waarschuwing” ) en als je tijdens de partij nog een overtreding uit de eerste groep maakt, volgt een rode kaart ( “straftreffer” ).
    • Weigeren te gehoorzamen is een straf. Wat bedoelen we hier nu mee. Als de scheidsrechter zegt dat je op het midden van de lopers in de stelling moet gaan staan en je wilt aan de zijkant gaan staan. Je masker moet opzetten als je hem afgezet om te praten en zo kun je veel dingen bedenken waarvoor de scheidsrechter je moet corrigeren. Ook deze is goed voor een gele kaart:
    • Je tegenstander de rug toekeren. Wat hier wordt bedoeld wordt is dat je tijdens de schermpartij niet je tegenstander de rug mag toekeren. We denken vaak dat we een treffer maken en draaien ons om, om terug te lopen naar de stellinglijn. De scheidsrechter heeft nog geen halt geroepen en er ontstaat een gevaarlijke situatie. Daarvoor krijg je dus een gele kaart. Altijd wachten op een aanwijzing van scheidsrechter.
    • Voor een overtreding uit de tweede groep krijg je direct een rode kaart. Bij iedere overtreding uit deze groep krijg je iedere keer een rode kaart ook al maak je deze overtreding we 3 keer in één partij. Je moet dan denken aan overtredingen in de aard van: een gevaarlijke actie, bewust buiten de tegenstander treffen. Bijvoorbeeld bij degen bewust op de grondsteken of op je eigen voeten.
    • De derde groep is een lastige categorie. Deze straffen zijn voor de hele wedstrijd geldig en zijn ook weer oplopend, na de rode kaart volgt een zwarte kaart. Een zwarte kaart betekent uitsluiting van de wedstrijd en een schorsing van twee maanden. Op de loper en bij de omstanders kunnen de emoties soms hoog oplopen. Het is voor een scheidsrechter moeilijk te bepalen wat nu emotie is en wat orde verstoring. Zowel voor de schermer als een omstander geldt dat hij eerst een waarschuwing krijgt ( rode kaart ) en daarna een zwarte kaart. Wat nog wel eens bij de jeugd voorkomt is het niet loyaal schermen. Hiermee wordt bedoeld dat je eerlijk je kansen moet verdedigen en niet je tegenstander mag bevoordelen. Dit komt vaak voor bij schermers van dezelfde vereniging of land.
    • Bij de laatste groep krijg je direct een zwarte kaart. Als je meteen deze kaart krijg heb je het wel erg bond gemaakt! Bewuste grofheid, is duidelijk denk ik. Overtreding van de sportieve geest, is weer heel lastig. Als tijdens een schermpartij een schermer een actie ziet mislukken en roep “stomme hond”. Tegen wie heeft de schermer het nu eigenlijk? En accepteer je als scheidsrechter dit taalgebruik? Wat te denken als een schermer na afloop van een verloren finale zijn masker naar zijn schermtas toe gooit? Emotie of onsportief gedrag? De scheidsrechter moet erover beslissen.

De straffen zijn er dus. Maar het goed toepassen van de straffen is nog een vak apart.

Als je meer over straffen wilt weten, bezoek dan de website van de KNAS, de Nederlandse schermbond:  http://www.knas.nl/wedstrijd_reglementen .

In het volgende deel ga ik meer vertellen hebben over de 7e functie van de scheidsrechter: hoe kent hij treffers toe.